Het verhaal van de familie Bordewijk en Floor

Hij was zijn hele leven huisarts, zij doceerde verpleegkunde, was zijn achtervang en runde het gezin. Vier zonen. Ze zijn beiden ver in de tachtig, zij heeft beginnende Alzheimer en ze zijn twee maanden geleden verhuisd uit hun huis van al die jaren, naar een appartement in een nogal chique zorginstantie. De heer en mevrouw Ferdinand Bordewijk – hij, neef van de gelijknamige schrijver, F. Bordewijk van ’Blokken’ en ’Bint’ – stáát erop dat ik hem ten behoeve van dit portretje niet een andere naam zal geven. Maar hij wil wel eerst lezen wat ik er van maak.

Ik mocht op een ochtend mee op bezoek met de inmiddels afgestudeerde Conservatoriumstudente Floor Snijders (24), die wekelijks aan huis komt om met meneer én mevrouw muziek te maken. Zichtbaar een hoogtepunt in de agenda. Als Floor de woonkamer binnenkomt, dwarsfluit in een etui bij zich, vallen beide Bordewijken haar om de hals.

O Ferdinand, O Ferdinand

‘Wilt u ook een kus?’ vraagt mevrouw. Ik wil ook een kus. ‘Wat heerlijk om je te zien!’, zegt meneer Bordewijk tegen Floor. Mevrouw Bordewijk wil uit ons gesprek niet buitengesloten worden. Ze zingt, op de melodie van ‘O dennenboom!’, het lied-op-tekst-van-de-kinderen dat kennelijk dateert van misschien wel het 50-jarig huwelijksfeest (een groot bord met schilderingen en teksten dat nu nog tegen de muur staat, verwijst daarnaar). De tekst: ‘O Ferdinand, o Ferdinand, je grijze haren zo charmant’. Met een allerliefste glimlach en als ze klaar is begint ze opnieuw. ‘Iedereen hier in huis kent het al’, zegt meneer Bordewijk tegen ons. En tegen zijn vrouw: ‘Ga nu maar even zitten, want dit heb je net al gezongen’. Geen spoor van irritatie.

Een klein wonder

‘Wat een mooi lied!’ zegt Floor. ‘Wat kunt u goed zingen! Zullen we piano spelen?’ Voor de toeschouwer voltrekt zich een klein wonder. Uit het boek De Pianoles speelt mevrouw Bordewijk ‘In de handen klappen wij’ en soortgelijke simpele liedjes met enige moeite van papier, maar dankzij de begeleiding van Floor en door haar eigen toonvaste zangstem klinkt het resultaat welluidend.

‘ga nu maar even zitten, want dit heb je net al gezongen’

piano spelenpiano spelen

 

Wanneer kom je weer?

‘Ja, die gaat altijd heel goed!’, moedigt meneer Bordewijk zijn vrouw aan. Er wordt koffie gebracht. We praten. ‘Zij?’ zegt meneer Bordewijk, knikkend naar Floor. ‘Wat zij brengt? Liefde!’ Nu is het zijn beurt om muziek te maken. Pianosonates van Chopin en Schumann. ‘Ik moet er even inkomen hoor!’ Maar het gaat, gaandeweg en met mondelinge aanwijzingen van Floor, allengs beter. Mevrouw Bordewijk – ‘O Denneboom!’ geheel vergeten – zingt zachtjes de melodie mee, dansend door de kamer. Als hij klaar is, zegt ze tegen haar man: ‘Ach lieve schat, wat deed je dat goed! Je krijgt een extra zoen van mij!’ Hij heeft zijn agenda alweer gepakt en zegt tegen Floor: ‘Wanneer kom je weer?’

Tekst: Hieke Jippes | Foto’s: Sannaz Photography.

Dit verhaal is eerder geplaatst in het magazine Kunst doet leven van ZonMW